Taalniveau’s

Voor een deelname aan de OranjeSalon is het niet zo belangrijk hoe goed je Nederlands spreekt, het gaat erom dát je spreekt. Dit gebeurt in een aangename, beschermde omgeving en met een hapje en drankje voor de ontspannen sfeer. Toch wordt de vraag naar het taalniveau af en toe gesteld.

In de uitgave nr. 3/2026 van „Onze Taal“ stond een mooi overzicht. Omdat het van de foto misschien niet duidelijk te zien is, geef ik die diverse niveau’s hieronder nog een keer weer:


In alle EU-lidstaten worden taaleisen uitgedrukt aan de hand van de niveau’s van het Europees Referentiekader voor Talen (ERK), dat zes treden kent.

A1 – Je kent vertrouwde alledaagse uitdrukkingen en kunt eenvoudige informatie over jezelf geven.

A2 – Je redt je in alledaagse situaties, zoals boodschappen doen of de weg vragen.

B1 – Je kunt je in de meeste dagelijkse situaties zelfstandig redden en over vertrouwde onderwerpen meepraten.

B2 – Je voert zonder moeite (van jezelf of je gesprekspartner) gesprekken over uiteenlopende onderwerpen en kunt een betoog volgen.

C1 – Je begrijpt een breed scala aan ingewikkelde teksten en kunt taal flexibel en effectief inzetten voor sociale, academische en professionele doeleinden.

C2 – Je begrijpt vrijwel alles wat je hoort en leest en kunt je spontaan, zeer vloeiend , genuanceerd en precies uitdrukken, ook in ingewikkelde situaties.

 

Ik herhaal nogmaals  dat deze taalniveau’s GEEN criterium voor de deelname aan de OranjeSalon is. Je kunt hier het spreken zonder druk oefenen en je hebt bovendien nog een gezellige avond.